Eetschrijven

Vrijblijvende gedachtenspinsels van een culinair journalist.

29 september 2011

This is not America

Ik weet het, je bent tegenwoordig al gauw ouderwets als je hecht aan een correct gebruik van leestekens. Maar toch maken ze soms een wereld van verschil. Neem nu aanhalingstekens in een kop boven een nieuwsbericht: zij maken de geoefende lezer het verschil duidelijk tussen feit en mening.

Vandaar dat ik ook zo verbaasd ben over de kop boven dit bericht van EVMI. Goed, een club aartsconservatieve huismoeders uit de Amerikaanse Bible Belt vindt dat je van zoiets onschuldigs als ijs iets walgelijks maakt wanneer je het de naam Schweddy Balls geeft. En dat doet de ijsfabrikant natuurlijk met opzet, want vorig jaar brachten ze een ijsje uit met de naam Hubby Hubby om het wettelijk toestaan van het homohuwelijk luister bij te zetten. Iedereen weet dat kinderen onmiddellijk homoseksueel worden als ze één hap van zo'n ijsje nemen of zelfs maar te lang naar het etiket kijken.

Goed, die Amerikanen die er zo over denken voelen zich geschoffeerd. Hun probleem en wat mij betreft hooguit een amusant faits-divers. Grappig en triest tegelijk dat er mafketels rondlopen die dit allemaal serieus vinden. Eigenlijk schrijf ik dit vooral omdat ik verbaasd ben dat EVMI het überhaupt een stukje waard vond allemaal. En dat men daar die aanhalingstekens dus niet nodig vond.

Oh, voor wie zich niet al te snel geschoffeerd voelt: persoonlijk vind ik Get Fair Dairy een hilarisch leuke naam voor een ijsje dat in Nederland op de schappen komt. Veel leuker dan dat brave en zwaaropdehande Taste It, Don't Waste It. Volgens mij kan er nog gestemd worden. Even doen, lijkt me.

28 september 2011

Spijt van Groupon, klant zoekt 't maar uit

Over de kortingssite Groupon is nogal wat te doen. Bedrijven, met name restaurants, die via een actie bij Groupon voor extra reuring wilden zorgen, voelen zich te kort gedaan.

Waarom? Omdat ze ontdekten dat de zo geworven klanten geen extra geld uitgaven en ook nog eens zelden terugkeerden. Allemaal de schuld van Groupon, vinden ze. Een bizarre redenering. Je kunt als ondernemer natuurlijk op je vingers natellen dat als je gaat werven onder publiek dat uit is op een koopje, je ook publiek in de zaak krijgt dat op een koopje komt eten. Niet leuk misschien, maar wel eigen schuld, dikke bult. Het lijkt me dat zaken die van Groupon verwachten dat dat bedrijf ervoor zorgt dat klanten later terugkeren om zich voor het volle pond een avond te laten verwennen, hard toe zijn aan een reality check. Of om het in het Nederlands te zeggen: steek de hand eerst eens in eigen boezem.

Zo ver is niet iedereen, blijkt wel. En sommigen zijn daar zelfs wel héél ver vandaan. Dit is het ware verhaal van een mevrouw, laten we haar mevrouw Jansen noemen, die besloot een Groupon voucher te kopen voor een verrassingsmenu bij restaurant Sparkling in Hilversum. Dat restaurant is gevestigd in het architectonisch fraaie domein Zonnestraal. Meneer Jansen, die eind augustus zijn verjaardag viert, is een liefhebber van architectuur en mevrouw wil haar man met de avond bij Sparkling verrassen.

Maar dat gaat niet door. Als mevrouw Jansen een paar dagen vóór de feestelijke dag probeert een tafeltje te reserveren, lukt dat niet. Een blik op de website leert dat het restaurant "wegens omstandigheden" tot nader order gesloten is. Dat is vervelend. Niet alleen valt de leuke avond in het water, maar ook realiseert mevrouw Jansen zich dat haar voucher maar tot 29 september geldig is. En zij is de tweede en derde week van september met vakantie.

Gelukkig blijkt het restaurant ergens begin september op een andere locatie zijn deuren weer te openen. Géén bijzondere avond voor de architectuurliefhebber Jansen dus, maar er kan in elk geval gereserveerd en gegeten worden.

Tenminste, dat denkt mevrouw Jansen. Als zij de maandag na haar vakantie Sparkling belt om een tafeltje te reserveren, wordt haar echter gevraagd of zij op een Groupon-voucher komt eten. Ja? Helaas: er is geen tafeltje. En ook een andere avond vóór 29 september behoort niet tot de mogelijkheden.

Als meneer Jansen een dag later belt om te kijken of er voor dezelfde avond een tafeltje kan worden gereserveerd en op de vraag over de Groupon-voucher ontkennend antwoordt, blijkt hij daarentegen van harte welkom.

Kennelijk beperkt de gastvrijheid van Sparkling in Hilversum zich tot diegenen die geen gebruik wensen te maken van een door het restaurant zelf gestarte promotie-actie. Dan is het natuurlijk niet zo raar dat de bereidheid van de Jansens--frequente restaurantbezoekers--om hun geld te komen uitgeven zich van hun kant beperkt tot restaurants die de rekening voor hun mislukte promotie-acties niet op het bord van de klant leggen.

Groupon heeft overigens meegedeeld het bedrag van de voucher aan mevrouw Jansen te retourneren. Met de excuses die er bij Sparkling in Hilversum zelfs niet af konden.

27 september 2011

Melk toch niet zo goed voor elk?

Je kon erop wachten. Na het démasqué van Diederik Stapel en Roos Vonk met hun ronkende persbericht over de vermeende (en naar achteraf bleek verzonnen) hufterigheid van de vleesetende medemens, blijken ook andere onderzoeksresultaten achteraf minder spijkerhard dan aanvankelijk aangekondigd.

Zo besteedt vandaag de Volkskrant aandacht aan een bepaald niet minne beschuldiging van prof. Walter Willett, die WUR Wageningen beticht van het verdraaien van de resultaten van een onderzoek waaraan hijzelf meewerkte. Al eerder had WUR Wageningen behoorlijk wat water bij de melk gedaan door de kop "Melk goed tegen hart- en vaatziekten" af te zwakken naar "Melk lijkt goed tegen hart- en vaatziekten" en de subkop "Joris Driepinter had toch gelijk" te schrappen. Overigens grappig en wrang dat genoemde Joris nog wel in de URL staat.

Links en rechts hoorde ik al opmerken dat het "toch wel érg jammer" was dat er nu zo sceptisch werd gekeken naar wetenschappelijke research, maar daar wil ik het vanaf deze plek toch even hartgrondig mee oneens zijn. Zoals ik al eerder schreef, is het daarentegen hoog tijd dat er eens wat kritischer wordt gekeken naar onderzoeksresultaten en vooral naar de persberichten waarmee die werekdkundig worden gemaakt. Dat geldt vooral in disciplines die vooralsnog boterzacht zijn, zoals de voedingswetenschap en de psychologie. Beide kennen zoveel variabelen dat uiterste voorzichtigheid is geboden bij het toeschrijven van waarnemingen aan specifieke factoren. Die voorzichtigheid is met name in persberichten vaak veel te ver weg.

WUR Wageningen staat overigens nog steeds achter de (weliswaar dus reeds afgezwakte) conclusie van het onderzoek. Woordvoerder Simon Vink vindt volgens EVMI dat Willett maar een ingezonden brief moet sturen aan het American Journal of Clinical Nutrition dat de studie publiceerde. Kennelijk mag hij dus, in tegenstelling tot de PR-mensen van WUR Wageningen, niet de publiekspers opzoeken. Een bizarre opvatting.

Geheel los van dit alles hoorde ik over de consumptie van melk overigens enige tijd geleden nog een puntige opmerking van Yneke Vocking die ik u niet wil onthouden: "Waarom hebben al die mensen die beweren dat melk alleen goed is voor kalfjes eigenlijk geen enkele moeite met het eten van kaas?".

Tja, waarom eigenlijk?

26 september 2011

Gezondheidsclaims

En dan zit je voor een stukje research te doen over gezondheidsclaims op levensmiddelen, en ineens vraag je je af of die schaamteloosheid van vroeger, waar je zó doorheen prikte, niet beter was dan die onder zes lagen glibberpraat verpakte suggesties waarvan de voedingsindustrie zich tegenwoordig bedient. Ik weet het zo nog niet. Of misschien eigenlijk wél.

23 september 2011

Waar je maar trac in hebt...

... en dan zijn er vooralsnog onbevestigde berichten dat de advocaten van McD in Italië restaurants afschuimen om te kijken welke onverlaten daar maccheroni op de kaart hebben staan. Of er mogelijk ook gerechtelijke stappen worden overwogen tegen het bedrijf Apple, kon ik evenmin bevestigd krijgen.

22 september 2011

Onontzenuwbaar?

Ik pers dezer dagen echt een onwaarschijnlijk aantal limoenen uit, en zoiets heeft logischerwijze invloed op de denkprocessen. Zo vroeg ik me af of dat nou eigenlijk wel klopt, dat je een citrusvrucht even over het aanrecht moet rollen omdat je dan meer sap zou krijgen. Het zou natuurlijk kunnen, maar eigenlijk zie ik niet hoe.

Ja, ik weet het: onze overgrootmoeders vertelden het hun dochters al en ik heb het, weliswaar enkele decennia vóór de millenniumwisseling, ook nog wel eens aan mijn lezertjes verteld. Maar is het waar?

Ik zou het graag testen, maar ik weet niet hoe. Eén citroen halveren en de ene helft over het aanrecht rollen gaat niet, nog afgezien van de onuitvoerbare noodzaak dan ook precies te halveren. Twee citroenen nemen en de ene wel en de andere niet rollen? Tja, zelfs uit twee citroenen van gelijk gewicht loopt in mijn ervaring een fors afwijkende hoeveelheid sap.

Het enige dat ik iets van uitsluitsel zie geven is het persen van een paar duizend citroenen, de helft gerold en de helft niet. Dat kost natuurlijk een forse hoeveelheid tijd en geld, maar geef toe: dan héb je ook wat. Dan weten we immers ook hiervan weer of het feit of culi-kul is. Het lijkt me er belangrijk genoeg voor.

Of nee, laat ik dat nou maar niet doen. Er blijken altijd weer mensen te zijn die denken dat je serieus bent. Ik ben overigen wel benieuwd of u eigenlijk rolt. Ik doe het eerlijk gezegd niet.

21 september 2011

IJstijd

Het zal weinigen ontgaan zijn dat ik sinds een maand of drie behalve als eetschrijver ook nadrukkelijk als ijsmaker actief ben. Mijn margaritaijs blijkt zich zowaar tot hebben ontpopt tot een culthit waar vanuit allerlei hoeken van het land belangstelling voor is. Goed, dat is tijdrovend omdat ik naast schrijftijd maar een beperkte hoeveelheid ijstijd over heb, maar vooral toch wel erg leuk. En je komt nog eens ergens.

Zo sta ik komend weekend twee hele dagen op het festival SmaakExplosies in Zaandam, een evenement waarvan ik eerlijk gezegd zelf nog maar nauwelijks weet wat ik me er precies bij moet voorstellen, maar waarvan ik zeker weet dat ik het er erg naar mijn zin zal hebben.

En weet u wat, eetlezer? Ik denk zó maar dat dat voor u ook zal gelden. In elk geval sta ik er met mijn ijsje. Voor degenen onder u die nog niet geproefd hebben een uitgelezen kans. En 't wordt nog schitterend weer ook.

20 september 2011

Fatsoenlijk

Grappig, dat vroeg ik me nou ook net af toen ik dit spotje van Peijnenburg voorbij zag komen: wordt het niet weer eens tijd voor een fatsoenlijk ontbijt? En dan bedoel ik--voor alle duidelijkheid--dus met nadruk NIET zo'n liflafje in een wikkeltje dat je op weg naar je werk achteloos in een paar seconden naar binnen werkt.

Peijnenburg zelf neuzelt er naar goede gewoonte weer flink op los. Ja, het zal best wel dat zo'n reepje koek vijf keer minder vet bevat dan een boterham met kaas. Het wordt gedebiteerd met een aplomb alsof daarmee alles gezegd is wat er over een "complete start" te zeggen valt. Bij de modale consument hoef je ook niet meer te zeggen: daar is de reflex "minder vet is per definitie goed" er al afdoende in gemasseerd. Wat is dat toch jammer.

Maar ik wou er toch nog even wat anders over kwijt. Dat liflafje van 65 gram mag dan vezels bevatten, het bestaat vooral voor dik eenderde uit pure suiker: liefst 22,2 gram! Je hebt in elk geval meteen een kwart van je totale dagelijkse behoefte aan koolhydraten binnen (waarvan ruim de helft in de vorm van geraffineerde suiker), tegen maar 10% van je behoefte aan energie en zelfs slechts 2% van wat je lichaam aan vetten nodig heeft.

Dat wordt dus de rest van de dag zoeken naar calorieën met vooral weinig koolhydraten en véél vet. Want dat moet je lichaam toch echt ergens vandaan halen. Al vertelt Peijnenburg dát er uiteraard niet bij. Dat moet je zelf uit de cijfertjes halen.

Morgen weer lekker fatsoenlijk ontbijten. Niet uit een wikkel.

19 september 2011

Stemadvies

Ik doe dit eigenlijk nooit--ik heb het zelfs nagelaten bij de Kamerverkiezingen, al heb ik daar inmiddels regelmatig spijt van--maar vandaag wou ik maar eens een stemadvies geven. Triodos Bank reikt binnenkort nl. weer de Hart-Hoofdprijs uit. Dat gaat niet over margarines waar je slimmer of cholesterolarmer van wordt, maar wel over duurzaamheid. Hij beloont duurzame concepten die zich in de praktijk bewezen hebben.

Eén van de kandidaten is het bedrijf van Willem en Drees. Ik hou van dat bedrijf. Willem en Drees hebben een concept bedacht waarmee lokale verse producten de weg naar de supermarkt kunnen vinden en dat is belangrijk, want het versaanbod in de super was al decennia lang ernstig aan het verschralen. Inmiddels denkt naar schatting 97,6% van de Nederlanders dat wortelen altijd oranje zijn, terwijl 98,3% denkt dat raapsteeltjes er maar in één soort zijn (van de naar schatting 68% die weet dat deze groente überhaupt bestaat). Hoeveel mensen denken dat aardbeien hard horen te zijn en nauwelijks te hachelen zijn zonder toevoeging van flinke scheppen suiker, daar durf ik bovenstaande Beaufortmethode niet eens op los te laten.

Het assortiment groenten en fruit van Willem en Drees is anders. Dat weet ik, want inmiddels zijn deze ondernemers goed voor ruim de helft van mijn eigen groenten- en fruitconsumptie. Lekkere spullen die je ineens doen beseffen wat je al die jaren hebt gemist. Spullen waar ook namen bij horen, zodat je van wat je lekker vindt weet wie het geteeld heeft en hoe het ras heet. Dat zou de super u niet eens vertellen als-ie het kon. Die wil volgende keer weer van een nóg goedkopere partij kunnen afnemen.

Hoe dan ook: ik zou het leuk vinden als Willem en Drees die prijs wonnen. Omdat dat duidelijk zou maken dat méér Nederlanders de kwaliteit en variëteit van hun voedsel belangrijk vinden dan de super zichzelf en ons wijs wil maken. En omdat Willem en Drees hebben bewezen dat het kán, duurzaam telen en toch succesvol opereren in de mainstream. Zodat misschien straks weer méér telers iets anders durven te gaan produceren dan de eenheidsworst waar u en ik--ik praat maar weer even de super na, want mij is niks gevraagd en ik wed u ook niet--al die jaren zo vreselijk dol op waren.

Even helpen. Het kan nog de hele zomer. Dat is dus, voor de duidelijkheid, tot overmorgen woensdag 21 september.

16 september 2011

Bonheur parisien in Den Haag



Ik geef toe, eetlezer: ik dacht dat ik definitief bedorven was nadat ik na vele jaren smachten eindelijk de wereldberoemde macarons van la maison Ladurée te Parijs had geproefd. Hemels waren ze en geloof me: die rijen staan daar niet voor niets. Maar ze gaven me dus een probleem: ik werd op slag besprongen door het gevoel de macarons te hebben geproefd die alle andere macarons ter wereld overbodig maakten. Zelfs die van het toch bepaald te goeder naam en faam bekendstaande maison Paillard in Québec vermochten geen indruk op mij te maken. Sterker: die vond ik maar minnetjes. Ik had me al verzoend met een bestaan als Parijshunkeraar en Parijsgangersschooier. Het was kennelijk dat of niets.

Toen hoorde ik dat pâtissier Jarreau in Den Haag ook macarons in zijn assortiment had. Uiteraard was ik sceptisch: had ik de ervaring van Paillard niet in mijn rugzak? Maar Marion van theehuis Betjeman & Barton was zeker van haar zaak en gaf mij een half dozijn van de als altijd fraaie lekkernijen mee. Ze hadden prachtige namen. De roze heetten Eden Rose, de groene Lundi Light en de paarse Un Gentleman à Deauville. Het beloofde poëzie op je tong.

Marion is, zo bleek alras bij een kop uitstekende thee, een vrouw met smaak. De macarons waren verrukkelijk. Anders dan die van Ladurée, misschien een tikje zoeter, maar ik durf u niet te beloven dat ik die van de illustere Parijse uitvinder er in een blinde test uit zou halen. Kortom: het geluk is voor mijn een stuk dichterbij gekomen. Voor u trouwens ook, want ik zeg u: allen daarheen!

15 september 2011

Snel resultaat

Soms gaan de dingen sneller dan je verwacht. Zo zat ik gisteren nog geen uur na het posten van mijn stukje naar Eén Vandaag te kijken. En kijk: daar liet toch alvast één traditioneel medium zien de thematiek van persberichtverspreiders met dubbele agenda serieus te nemen. Dat geeft de burger moed. Wat maar goed is, want ik heb het best weer druk vandaag.

14 september 2011

Over fraude en luiheid

Over wat inmiddels Stapelgate (ook wel Vonk-Stapelgate) is gaan heten, is al heel wat virtuele inkt gevloeid. Kort en goed: de gegevens waarop een nogal bizarre en vooral bizar verwoorde conclusie was gebaseerd, waren van A tot Z uit de dikke duim gezogen. Gelukkig maar, want je moet er niet aan denken dat dit soort boterzachte, tendentieuze geitenwollensokkentaal beeldbepalend zou gaan worden voor de wetenschappelijke berichtgeving in publieksmedia. Ik geloof in popularisering van wetenschap, maar je kunt ook doorschieten.

Het hoeft geen betoog dat de aanvankelijke kritiek op de manier waarop ik me uitliet over wetenschappelijk onderzoek inmiddels verstomd is. Die kritiek, dat durf ik ook nu nog gerust toe te geven, was wat mij betreft ook totaal onwetenschappelijk en louter gebaseerd op boerenverstand: de conclusie dat je van het denken aan vlees hufterig wordt, leek mij al op het allereerste gezicht niet te stroken met een wetenschappelijke aanpak van de diverse disciplines in de psychologie. Gelukkig heb ik ook niet beweerd dat mijn overtuiging op wetenschappelijke leest geschoeid was. Ze bleek er niet minder juist om.

Het was overigens niet de eerste keer dat ik de vloer aanveegde met onderzoeksresultaat. Ik erger me niet alleen groen en geel aan de inaniteiten die soms worden onderzocht en de open deuren die daarbij worden ingetrapt, maar ook aan de graagte waarmee diverse media de persberichten overnemen van commerciële instanties als die weer de resultaten een onderzoek (vaker een nonderzoek) aankondigen waar zelfs de grootste naïeveling onmiddellijk een dubbele agenda achter waarneemt. Dat geldt trouwens ook voor dit bij elkaar gefantaseerde verhaal over vleesgeworden hufterigheid: de bewoordingen waarin het persbericht was gesteld, hadden bij elke goede journalist alarmbellen moeten laten rinkelen. Dat dat niet gebeurde, is wat mij betreft een symptoom van extreme luiheid.

Roos Vonk, die het betreffende bericht schreef, zat eergisteren bij Pauw en Witteman haar verhaal te doen. Daarover is al veel gezegd, maar één ding nog nauwelijks: het is dat Vonk er zelf voor zorgde haar credibiliteit als wetenschapper grondig te slopen, want de beide heren deden het niet. Kritische vraagstelling bleef uit en nergens bleek uit dat ze ook maar enigszins hun huiswerk hadden gedaan.

En daarvoor wil ik tot slot van deze onverkwikkelijke affaire een lans breken: dat media weer eens afstappen van het kritiekloos en onderzoeksloos publiceren van de meest kolderieke oprispingen van wetenschappers en dat ze een aantal kwaliteitscriteria gaan hanteren alvorens tot publicatie over te gaan. Zo zouden ze, om te beginnen, eens kunnen weigeren onderzoeksresultaten te publiceren als er niet duidelijk bij wordt vermeld wie er opdracht tot het onderzoek heeft gegeven zodat ze navraag kunnen doen naar de motivatie daarvoor. Het zou al een heel goede eerste stap zijn naar een wat serieuzere omgang met wetenschappelijke berichtgeving. Het gaat er daarbij namelijk niet uitsluitend om wie het snelst is. Grondig duurt het langst, en het wordt tijd dat met name de traditionele media zich dat weer eens gaan realiseren.

13 september 2011

Waar gehakt wordt

Doorwerken na je pensioen, het is een actueel onderwerp en schijnt fiscaal ook heel aantrekkelijk te gaan worden. Mogelijk was het dat al voor academici, want bij hen is het eerder regel dan uitzondering. Ik had zelf het ietwat naïeve idee dat de afscheidsrede van prof. Katan het einde van een tijdperk zou inhouden, maar niets blijkt minder waar. Sterker, ik heb de indruk dat ik nog nooit zo veel van hem gelezen heb. Zo stond hij afgelopen weekend weer in de NRC. Zoals gewoonlijk wond hij er geen doekjes om in zijn betoog over statines.

Die statines, vindt Katan, zijn voor ons ontzettend belangrijk. Zó belangrijk dat ze in feite maar het beste in de margarine kunnen worden gestopt. Helaas, zo verzucht hij, zullen de margarineproducenten dat wel niet durven. Ze zijn namelijk bang voor Antoinette Hertsenberg, die in het programma Radar al eens met statines de vloer aanveegde. Wat Katan dáárvan vindt, dat steekt hij evenmin onder stoelen of banken. Het woord "crimineel" valt nog net niet, maar onverantwoordelijk vindt hij het allemaal wel.

Enfin, hij heeft nog hoop. Misschien een Wageningse starter? In elk geval wordt het dan eens te meer zaak om op uw ingrediëntendeclaraties te letten, want Katan is niet de enige die graag de scheidslijn tussen de voedings- en de farmaceutische industrie wil slechten. Stop de medicijnen in het eten en niemand kan er nog omheen. Daar wordt iedereen beter van. Alleen de TROS, die maar niet wil ophouden simulanten in rolstoelen met huilverhalen over de vermeende oorzaak van hun spierpijntjes voor de camera te brengen, staat het Utopia nog in de weg.

Ik ben even voor de aardigheid de bijsluiter gaan opzoeken van de veelgebruikte atorvastatine Lipitor. Die is toch wel heel veelzeggend. Zo mag je Lipitor niet gebruiken bij leverproblemen, als je zwanger bent of kunt worden of zelfs maar seks hebt en de pil niet gebruikt, als je borstvoeding geeft of als je een myopathie hebt. Verder is Lipitor toch niet zo'n heel dikke aanrader voor mensen met nier- of schildklierproblemen, voor zware drinkers en voor voormalige leverpatiënten.

Wie zo'n likje statineverrijkte margarine dagelijks op zijn brood gaat smeren kan ook maar beter geen aandoening van het immuunsysteem, bacteriële infectie, andere problemen met de lipidespiegel, angina, verhoogde bloeddruk, angst of andere psychische aandoeningen of HIV hebben, want de medicijnen daartegen moeten onverbiddelijk de deur uit, net als orale anticonceptiva (ojee, zie boven), maagzuurremmers en anti-epileptica.

En dan hebben we het nog niet over de bijwerkingen gehad (zo weinig dat je geen dokterscontrole of bloedonderzoek nodig hebt, orakelt Katan). Goed, minder dan 1 op de 10.000 gebruikers van Lipitor krijgt last van angioneurotisch oedeem of afbraak van spierweefsel, zodat in elk geval minder dan 3000 Nederlanders iets écht heel ergs zullen krijgen, terwijl nog eens maximaal 1500 personen elk in de prijzen vallen met Stevens-Johnson syndroom (ernstige blaarvorming van de huid, mond, ogen en geslachtsdelen), erythema multiforme (huiduitslag met rode onregelmatige vlekken), veranderingen in het smaakgevoel, stoornissen van het gezichtsvermogen, leverfunctiestoornis, gehoorverlies, gynecomastie (borstvergroting bij mannen en vrouwen) en beschadiging van de pezen.

Dat tussen de 150.000 en 1.500.000 landgenoten last gaan krijgen van misselijkheid, buikpijn, verstopping, winderigheid, spijsverteringsstoornissen, hoofdpijn, spierpijn, zwakte, diarree, slapeloosheid, duizeligheid, pijn op de borst, allergische reacties, gevoelloosheid bij aanraking of tintelingen in vingers en tenen, vermindering van het voelen van pijn of aanraking, gewrichtspijn en rugpijn, zwellingen in het bijzonder van de enkels (oedeem), vermoeidheid, huiduitslag en jeuk, terwijl nog eens tussen de 15.000 en 150.000 mensen last zullen krijgen van gevoeligheid van de spieren, hepatitis, geelzucht en rhabdomyolyse, ach ja--je moet wat over voor de verlaging van de nationale cholesterolspiegel. Waar gehakt wordt, vallen spaanders, nietwaar?

Tja, en dan kun je nog wel gaan beginnen over de 1500 tot 15.000 Nederlanders die kans maken op anorexia, afgenomen gevoel voor aanraking en pijn, braken, huiduitslag, spierkrampen, onverwachte bloedingen of kneuzingen, oorsuizen, gewichtstoename, geheugenverlies, netelroos, zich onwel voelen, impotentie, haaruitval, pancreatitis, en verhoging en verlaging van de bloedsuikerspiegels (fijn voor diabetici), maar daarmee laat je maar één ding zien: dat je zo'n vermaledijde Radar-kijker bent die lak heeft aan de volksgezondheid.

Nee, de hemel beware ons voor goedbedoelende wetenschappers die de volksgezondheid willen aanpakken met de botte bijl en daartoe ons voedsel liefst vol zouden stoppen met medicijnen tegen allerlei bestaande, toekomstige of vermoede kwalen. Vooral als genoemde wetenschappers het doen voorkomen of je een brontosaurus bent als je vindt dat je naar de dokter gaat als je ziek bent en naar de kruidenier als je honger hebt.

Brrr.

12 september 2011

Allitteratie is niet alles

Wat hoort er in dit rijtje niet thuis kan een vermakkelijk spelletje zijn. Soms maken ze het echter wel érg makkelijk. Bij het rijtje Bloemen, Becel, Bourgondiër blijf ik vooral met de vraag zitten wie toch het idee heeft gehad dat die laatste component er nou écht bij moest.

07 september 2011

Nu nog een geestige titel

Beste eetlezers, het is mij duidelijk: in de afgelopen tijd is er bij mij sprake geweest van iets te veel hooi en iets te weinig vork. Dat kraakt en wringt en soms is een mens even gedwongen toe te geven dat hij niet alles kan.

Kortom: ik neem om te beginnen de rest van de week vrij van dit eetschrijfmedium om mezelf even wat rust en ruimte te geven. Omdat het even moet.

06 september 2011

Kunnen we niet hebben natuurlijk

Of het al niet erg genoeg was dat we DigiD niet meer konden vertrouwen, stuurde vanmorgen ook Smulweb een mailtje naar al zijn "leden". De servers van de receptengigant zijn gehackt en iedereen wordt op het hart gedrukt spoorslags zijn wachtwoord te veranderen. Over wat er verder met de eventueel gestolen gegevens kan gebeuren geen woord, dat is dan ook wel weer opvallend.

Ik geloof (zeker weet ik het niet meer) dat ik in een heel grijs verleden, toen het allemaal nog een gemoedelijk clubje was in plaats van big business, ook eens een account heb aangemaakt bij Smulweb. Dat kan dus nog tot vermakelijke toestanden leiden. Het inbrekende geboefte zou zó maar onder mijn naam zijn eigen recepten kunnen plaatsen. Nee, dat kunnen we niet hebben natuurlijk. Dan liever de omgekeerde situatie zoals die al jaren door Smulweb wordt gedoogd en die erin bestaat dat talloze recepten van mij en tal van collega's er zonder onze toestemming geplaatst worden door anderen, vrijwel altijd zonder bronvermelding. Smulweb schijnt er overigens van uit te gaan dat wij dat allemaal erg prettig vinden wegens goed voor onze naamsbekendheid, zo werd mij laatst duidelijk gemaakt. In de volgende aflevering van de Smulweb-saga: dieven van bedrijfswagens zijn eigenlijk weldoeners.

Maar de doortraptheid zou verder kunnen gaan. Stel je voor dat er onder mijn naam recepten op Smulweb opduiken die jammerlijk mislukken? Ja, daar gaat de zorgvuldig opgebouwde reputatie van een onkreukbaar eetschrijver.

Daarom even een waarschuwend woord: mocht ik u via Smulweb lijken te instrueren de oude schoenzool pas op het laatste moment aan uw stoofpot toe te voegen, dan dreigt u het slachtoffer te worden van een onverlaat. Geen aandacht aan schenken dus. Eigenlijk is het het verstandigst als u voortaan maar helemaal van Smulweb wegblijft. Wie weet in wat voor subversiefs u anders straks staat te roeren.

05 september 2011

Een dagje eetschrijfloos

Beste eetlezers, u bent het niet van me gewend, maar ik sla vandaag maar gewoon eens over. Ik loop me de benen uit het lijf en zit zelfs vanavond nog aan twee vergadertafels. Morgen vindt u hier weer een verfrissend stukje eetschrijven.

02 september 2011

Sneller dan een slak

"Mijn ergste vijand is de slak. Slakken zijn dol op paddenstoelen en ze hebben ze meestal snel te pakken. Het gaat er dus om sneller te zijn dan de slakken". Aan het woord is Edwin Florès, ooit succesvol in de uitzendbranche maar nu bij culi's bekend als 'de man met het mandje', professioneel wildplukker voor horeca en specialisten, paddenstoelenprofessor en sinds kort ook schrijver. Zijn Paddenstoelenboek (zoeken - kweken - koken) verscheen deze week bij uitgeverij Becht.

Edwin is duidelijk in zijn element in het bos. Ter gelegenheid van de lancering van zijn debuutboek neemt hij een twintigtal schrijvende culi's mee naar het prachtige Park Sonsbeek in Arnhem voor een snelcursus 'paddenstoelen hunten', zoals hij het noemt. Het is missionarissenwerk, want Nederland is op het gebied van eten uit de natuur buitengewoon benepen. In geen enkel ander land in Europa staat het plukken van wilde paddenstoelen op gespannen voet met wet- en regelgeving, en die situatie vloeit voornamelijk voort uit onwetendheid. "De plantsoenendiensten plegen routineus massamoorden op weidechampignons, maar het bos in trekken voor wat verantwoord plukwerk zou bedreigend zijn voor ons paddenstoelenbestand? Allemaal onzin, geboren uit onkunde", weet Edwin.

En dan is er nog de angst, die er bij velen van kindsbeen af in is gestampt. Levensgevaarlijk zou het zijn om zó maar paddenstoelen uit de natuur te eten. Edwin erkent dat er behoorlijk wat giftige exemplaren zijn waar je soms goed ziek van kunt worden. "Maar echt dodelijk is er in Nederland maar één, de groene knolamaniet". Met een beetje basiskennis is er echter volgens de man met het mandje niets aan de hand.

Het Paddenstoelenboek is wat dat betreft een mooie inleiding in de wondere wereld van de eetbare wilde paddenstoel. Edwin Florès heeft er eenvoudig voor gekozen alleen die (20) soorten te beschrijven die absoluut geen giftige dubbelgangers hebben ("ik ben vooral aan dit boek begonnen omdat in de gangbare gidsjes veel te veel staat") Wie goed kijkt en goed determineert aan de hand van de spoedcursus in de inleiding en de duidelijke foto's kan eigenlijk niets verkeerds doen.

Wilde paddenstoelen kweken? Nou ja, semi-wilde, dat kan. Wie er ooit in slaagt cantharellen en eekhoorntjesbrood op substraat of hout te laten groeien, loopt binnen maar met oesterzwam, beukenzwam, shiitake, judasoor en nog een aantal andere lukt het prima. Edwin beschrijft er alle ins en outs van.

Tenslotte wil je aan tafel, want wilde paddenstoelen zijn lekker. Het Paddenstoelenboek sluit af met 21 watertandende recepten, van risotto en stoofschotel tot quiche en zelfs pizza. Wie sneller is dan een slak, eet ook een stuk beter. Gelukkig maar, want van dat struinen door de bossen krijgt een mens best trek.

Bestellen bij bol.com (Eetschrijven ontvangt een kleine commissie):


Het Paddenstoelenboek
Edwin Florès
Uitgeverij Becht
128 blz.
Adviesprijs 17,50
ISBN 978 90 230 1311 2

Labels:

01 september 2011

Een stap opzij (even dan)

Bescheidenheid is niet één van mijn eigenschappen. Het staat me niet, naar het schijnt. Maar vandaag doe ik toch even een stapje opzij, en wel voor het totaal vernieuwde Foodlog. Twee hele maanden stond het stil voor renovatie, iets waar je normaal alleen in Frankrijk mee wegkomt. Ik zou het in elk geval niet durven.

Maar vandaag is het Totaal Vernieuwde Foodlog online. Er is veel veranderd, zelfs al op het eerste gezicht. Om te beginnen is er het stoere nieuwe uiterlijk, masculien zou je bijna zeggen. Ook de slogan is veranderd: niet langer heet het "verhalen over eten en wat je ervan wilt weten", Foodlog is nu kortweg lekker-scherp-zinnig. En dan is er het nieuwe logo: de haan en de vis hebben--veelzeggend of niet?--plaatsgemaakt voor een vegetarisch element dat ik meteen voor mezelf The Clockwork Apple heb gedoopt. Mooi is het wel, maar ik weet niet of ik het gedaan zou hebben. Het doet denken aan kunstvoedsel, maar misschien is dat gewoonweg beroepsmisvorming van mij.

Natuurlijk gaat het nieuws niet om de cosmetica en zelfs niet over de sterren die je, al naar gelang je commentaar of je status in voedselkritiekland toegekend kunt krijgen en waar ik nog wel wat discussie over verwacht. Wat telt is uiteraard de inhoud, en daar kan alleen de tijd ons meer over leren. Ik ga er weer regelmatig kijken en ik kan u van harte aanraden hetzelfde te doen. Kritisch schrijven over eten blijft vreselijk hard nodig, en Foodlog heeft in het verleden al bewezen een grote vuist te kunnen maken. Het zou mooi zijn als die zelfs nog groter kon, en als die slagkracht goed gebruikt bleef worden.

Nu de laatste bugs er nog uit...