Eetschrijven

Vrijblijvende gedachtenspinsels van een culinair journalist.

08 november 2010

Goede voeding?

Er kan weer gestemd worden voor de Jaarprijs Goede Voeding die elk jaar door het Voedingscentrum wordt uitgereikt, waarmee dit voorlichtingsorgaan een product of initiatief wil belonen dat "bijdraagt aan een gezonder eetpatroon van de Nederlanders". U en ik krijgen dus een stem in het kapittel. Jammer dat ik van het kwartet kandidaten ook dit jaar weer niet vrolijk word.

AH mag het bal openen met zijn "extra magere vlees". Dat bestaat uit 30% plantaardige ingrediënten zodat er minder vet en ook minder verkeerd (sic!) vet* in zit. 't Is dus in feite geen vlees maar een "vleesproduct", maar kennelijk kun je met een misleidende benaming in de ogen van het Voedingscentrum wel goede voeding leveren.

Tweede is Hak met groenten- en peulvruchtenconserven waaraan geen zout is toegevoegd. Zó ver is het dus al gekomen dat een producent die op het idee komt dat consumenten zélf het zoutvaatje kunnen hanteren als een soort voedings-Einstein op het schild wordt gehesen. Hak blijft overigens de hevig gezouten varianten ook verkopen, want die lusten we allemaal zo graag dat we anders weglopen. Denkt Hak.

Derde kandidaat is Kips Dora Magere Boterhamworst van Zwanenberg. Hierin liefst 40% minder vet dan in reguliere boterhamworst. Er zijn aanwijzingen dat consumenten van producten waaruit veel vet is gehaald de neiging hebben er méér van te eten, maar dat mag niet donderen. Net zo min als het feit dat er bij een scharrelslager alternatieven te vinden zijn met een aanzienlijk gezondere vetzuurbalans.

De laatste kandidaat is Lassie Toverrijst. Hier gaat het om een rijstvariant waar extra vezels in zijn gestopt. Een soort Blue Band Goede Start (u weet wel, "bruin waar wit in zit") op rijstgebied dus. We raffineren rijst morsdood en vervolgens stoppen we weer een kunstmatige versie in van een deel van wat we er zojuist uit hebben gehaald om de consument het idee te geven dat hij die vreselijk lekkere doodgeraffineerde rijst zit te eten. Dat lust hij namelijk zo graag.

Ook dit jaar hebben de genomineerden weer diverse elementen gemeen: ze zijn allemaal industrieel en voorverpakt en er is met allemaal gerommeld. Dubbel gerommeld eigenlijk, want er is mee gerommeld om de negatieve effecten van eerdere verrommeling teniet te doen--daar komt het in elk geval wel op neer.

Natuurlijk kan elke consument die gezond wil eten heel prima buiten deze producten. In plaats van conserven van Hak te eten die na vele decennia eindelijk voor een voorzichtig deel worden ontdaan van hun overdaad aan toegevoegd zout, kun je verse groenten eten waarin helemaal nooit zout heeft gezeten. In plaats van uit spotgoedkope ingrediënten samengestelde vleeswaren te eten waaraan het vet is onttrokken, kun je kiezen voor hoogwaardige biologische vleeswaar en daar vervolgens de helft minder van eten. En in plaats van industrieel geraffineerde rijst te kopen waar vervolgens een deel van de verwijderde vezels weer in is gestopt (zonder dat wetenschappelijk vaststaat dat deze toegevoegde vezels dezelfde gezondheidseffecten hebben) kun je gewoon een volwaardig vers zetmeelproduct eten waar de eigen vezels, vitaminen en mineralen niet uit zijn gehaald.

't Is zo eenvoudig. Maar de consument wil dat niet, denkt het Voedingscentrum. Die heeft namelijk te maken met een drukke werkdag en met krijsende kinderen die roepen dat ze van alles niet lusten. Bovendien valt het te prijzen dat de voedingsindustrie na jaren eindelijk een beetje verantwoorder gaat produceren en moet dat beloond worden. De wortel dus, in plaats van de stok.

Ik snap de redenering maar ik ben het er niet mee eens. Dit soort voedingsproducten is niets anders dan een uiterst halfslachtige poging om zowel de industriëlen als de consumenten die in feite aan allerlei minderwaardige meuk verslaafd zijn binnenboord te houden. Een titel als Jaarprijs Goede Voeding is in dit verband ronduit misleidend. Dit is namelijk geen Goede Voeding, maar hooguit Minder Slechte Voeding. Goede Voeding bestond al. Al jaren. Die had om goed te zijn helemaal geen innovatie nodig. En dus ook geen innovatie om de negatieve effecten van de eerdere innovatie gedeeltelijk ongedaan te maken. Alsof je een dief gaat belonen omdat hij maar de helft van je spullen gejat heeft.

Begrijp me goed: het is prima dat industriëlen van wie de producten een verbetering betekenen ten opzichte van andere industriële producten een aanmoediging krijgen. Maar dat zou wat mij betreft nooit mogen gebeuren onder een noemer die de consument de illusie geeft dat hij met goede voeding te maken heeft, en pakjes en bakjes moet verkiezen boven het complete andere aanbod, inclusief vers en volwaardig.

Het Voedingscentrum zou beter moeten weten. Het zou prima te doen moeten zijn om deze industriëlen een aanmoedigingsprijs te geven en ze minzaam te vertellen dat het er een beetje op begint te lijken. Een echte Jaarprijs Goede Voeding hoort te gaan naar één van de producenten van écht goede voeding. Volwaardige voeding, waar niet mee is geknoeid maar waarin gewoon extra is geïnvesteerd in tijd, zorg en ingrediënten. Van die spullen die smaken zoals ze horen te smaken. Van die spullen die het schap van de super niet halen. Van die spullen waarmee je in het Nederland van nu nauwelijks het hoofd boven water houdt. Die producenten, die geen streepjespakken dragen en dividenden uitkeren, die hebben pas écht aanmoediging nodig.

Die zijn er heus genoeg--nóg wel, tenminste, al boert het behoorlijk hard achteruit. Het Voedingscentrum mag zich bij mij melden, dan krijgen ze wel een lijstje van me. Want laffe compromissen verkopen als idealen, daar wordt geen consument beter of wijzer van.

* Wat het Voedingscentrum "verkeerd" vet noemt, is natuurlijk helemaal niet verkeerd. Het enige wat er niet deugt, is dat we er te veel te veel van eten, onder meer doordat de voedingsindustrie er jarenlang de gemaksproducten mee vol heeft gestopt.

5 Comments:

  • At 8 november 2010 om 17:02, Blogger Johannecke said…

    helemaal mee eens, je schrijft het alleen wat makkelijker op dan ik

     
  • At 8 november 2010 om 19:34, Blogger PaulO said…

    "Het Voedingscentrum mag zich bij mij melden, dan krijgen ze wel een lijstje van me"

    Ik denk dat wij - de lezers- ook wel interesse hebben voor zo'n lijst. We zijn heus wel van goede wil, maar weten zelf niet meer waar te zoeken ....

     
  • At 8 november 2010 om 20:51, Blogger hannie said…

    En zo is dat! Als je uit een mooi product er niets uithaalt, hoef je er ook niets aan toe te voegen. Goede voeding gaat niet om losse producten maar om het geheel van de voeding. In die zin is die prijs eigenlijk al helemaal onzin.
    Ik verlas me bij het woord 'streepjespakken' en las eerst 'streepjescodes'; dus ik las: "producten die geen streepjescode dragen" Dat is eigenlijk best een goed criterium, al schreef je het niet. En het verband tussen streepjescodes en streepjespakken is ook wel weer geestig. Gewoon gevarieerd echt eten eten, en dat komt het allemaal wel goed.

     
  • At 9 november 2010 om 11:08, Anonymous Debby Koudenburg said…

    Mooi artikel, helemaal mee eens, de invloed van de voedselindustrie op een instelling als het voedingscentrum is toch altijd weer verbijsterend.

     
  • At 9 november 2010 om 23:12, Anonymous Marjan said…

    Ja, dit is inderdaad iedere keer weer een beetje triest commercieel festijn. En echte innovatie is ver te zoeken. De meeste producten hebben we natuurlijk helemaal niet nodig, maar er moet winst gemaakt worden.

     

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home