Eetschrijven

Vrijblijvende gedachtenspinsels van een culinair journalist.

26 maart 2010

Eet boter. Nee, eet margarine

In de Globe and Mail, Canada's grootste nationale dagblad dat ik hier nog tot aanstaande zaterdag dagelijks in de bus krijg, staat vandaag een lezenswaardig artikel onder de titel "Battle of the Spreads", waarin boter (of, zo u het pleonasme verkiest, "roomboter") voor de zoveelste maal tegen margarine wordt afgezet. Veel interessant materiaal, inclusief de ongetwijfeld voor velen nieuwe wetenschap dat omega-3 bestaat in verschillende ketenlengtes en dat de plantaardige vorm alfa-linoleenzuur zoals die in de meeste margarines verwerkt is, er één is met een korte moleculaire keten zodat ze door het lichaam moet worden omgezet in de varianten met lange keten zoals die in vette vis worden aangetroffen, te weten eicosapentaeenzuur en docosahexaeenzuur. In de praktijk, vertelt het artikel, gebeurt dat maar zeer gebrekkig. Alfa-linoleenzuur wordt dan ook een "inferieur vetzuur" genoemd in vergelijking met omega-3 uit visolie. Nee, dat vertellen de margarinefabrikanten er inderdaad niet bij.

Nog helemaal los daarvan blijkt het dezer dagen weer volle bak als het gaat om de vermeende voordelen van meervoudig onverzadigde versus verzadigde vetten. Met slechts enkele weken tussenpoos verschijnt een artikel in de American Journal of Clinical Nutrition dat uit een kwantitatieve studie van liefst 347.747 proefpersonen, gevolgd gedurende 5 tot 23 jaar, concludeert dat er "geen sifnificant bewijs is dat verzadigd vet in de voeding verband houdt met ischemische hartklachten of hart- en vaatziekten", terwijl anderzijds de Harvard School of Public Health stelt "Meervoudig onverzadigde vetzuren zouden wel degelijk risico op hartklachten kunnen verminderen". Hier worden 13.614 deelnemers gevolgd en wordt een verschil van liefst 19% gevonden, wat je toch bepaald zéér significant mag noemen. Je vraagt je natuurlijk wel meteen af waarom dan dat voorzichtige "zouden kunnen" ("may") in de titel, en natuurlijk ook hoe het toch in vredesnaam mogelijk is dat die andere studie dit toch gigantische verschil niet heeft gevonden.

De werkelijkheid is natuurlijk dat deze materie zo onnoemelijk complex is dat we er nog maar een fractie van begrijpen. In die omstandigheden is het ook geen wonder dat je uitkomsten krijgt met spectaculaire verschillen, misschien wel louter door wat cijfertjes in een andere volgorde te zetten of anders te wegen. En ja, je mag het niet zeggen, maar het is wel degelijk een feit dat wetenschappelijke studies gesponsord worden en dat ook wetenschappers heus wel weten--de beeldspraak is hier wel heel passend--aan welke kant hun boterham gesmeerd wordt. Er zegt er in elk geval maar zelden één ruiterlijk: sorry, mensen, we weten echt nog te weinig om tot eenduidige conclusies te komen.

Dat laatste moet je indirect opmaken uit de bijna kolderieke communicatie vanuit de margarine-industrie, die ons om de haverklap juichend weet te melden dat haar nieuwste formule het nu écht helemaal gevonden heeft. Dat betekent natuurlijk niets anders dan dat de voorgaande formule het ook weer bij het verkeerde eind bleek te hebben, een lot dat--en hier wil ik, in het kader van de oudedagsvoorziening, met iedereen die dat wenst een fors bedrag onder verwedden--ongetwijfeld ook de huidige formule straks weer beschoren zal blijken. Nu vind ik het geweldig dat er wordt geëxperimenteerd om de perfecte formule voor mijn gezondheid te vinden, maar ik wacht met het uitproberen toch maar liever af tot men die experimenten heeft afgerond--als dat tenminste nog tijdens mijn leven is.

1 Comments:

  • At 26 maart 2010 21:08, Anonymous Nico said…

    Pff. Geef mij maar boter. En als ik die niet meer mag eten, dan eet ik nog liever droog brood!

     

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home