Eetschrijven

Vrijblijvende gedachtenspinsels van een culinair journalist.

29 juni 2007

De seizoenen

Op het nieuwe seizoen voor een bepaalde groente konden we ons ooit mateloos verheugen. Nu de aardbeien uit Spanje en Israël, de peultjes uit Kenia en de snijboontjes uit Ethiopië worden ingevlogen (en het ons niet meer zo veel kan schelen wat dat allemaal kost, in geld en in milieulast) dreigt dat een beetje te verdwijnen. Het ligt er of het ligt er niet, en we pakken het gewoon maar, meestal zonder ons af te vragen waar het vandaan komt.

Die instelling blijkt zich ook uit te breiden tot de blogosfeer. In de afgelopen week zag ik op de nieuwspagina van Foodrank recepten voor peren (2x) , voor sint-jacobsschelpen en voor asperges (die laatste twee dagen na de afsluiting van het aspergeseizoen!) en ook kwamen er in de afgelopen maand recepten voorbij voor kaasfondue en raclette, twee gerechten waar je toch niet aan moet denken als het 's avonds tot na tienen licht is en als je uit het rijke aanbod van seizoensgroenten niet meer weet wat je moet kiezen. Misschien kunnen de mensen achter die sites, die in de hoop op veel bezoekers hun recepten kennelijk blindelings bij halve dozijnen tegelijk naar nieuwspagina's sturen, zich eens een beetje inlezen, bijvoorbeeld hier. Het zal wel aan dovemansdeur geklopt zijn.

En wat mis je toch veel. Jonge groenten van eigen grond behoren tot de grootste genoegens die liefhebbers van lekker eten kennen. Zo zien we rond deze tijd weer de eerste jonge veldsla (juli t/m november) en venkel (juli t/m oktober) van Hollandse bodem opduiken. Met allebei valt een heerlijke salade te maken, in combinatie met verse dille en sinaasappel. In beide gevallen smaakt het eindresultaat totaal verschillend, maar het is allebei heerlijk zomers.

Zomerse salade met sinaasappel en dille

Bijgerecht voor 4 personen

- 400 g veldsla of 2 knolletjes jonge venkel
- 2 sinaasappels
- enkele takjes dille
- 75 ml sour cream

Maak de veldsla of de venkel schoon; gebruikt u veldsla, snijd dan de blaadjes los en gebruikt u venkel, halveer dan de knollen en snijd die in ragfijne reepjes. Pers één sinaasappel uit en vermeng het sap met de sour cream. Halveer de andere sinaasappel en snijd met een scherp mesje de halve partjes los van het velletje. Meng de stukjes sinaasappel met de groente, schep er de dressing van sinaasappel en sour cream over en bestrooi de salade met fijngehakte dille.

28 juni 2007

Niet allemaal tegelijk

Als ik zeg "allen daarheen" bedoel ik overigens niet allemaal tegelijk, hoor! Ik viste mooi achter het net: om zes uur vanavond in mijn lokale Lidl alle muntsiroop uitverkocht.

'k Zal nog eens een tip geven, zeg. Nou ja, morgen onderweg maar eens kijken wat ik nog kan scoren.

Mijn naam is haas

.


Ik ga niet flauw doen over het feit dat Jumbo kennelijk een halve koe zomaar weggooit: tenslotte is dit een artikel dat gaat over de barbecue en dan is stoofvlees inderdaad niet zo relevant. En natuurlijk is het goed dat de consument ook eens informatie krijgt over waar zijn voedsel vandaan komt. Dat gebeurt toch al te weinig.

Maar één ding neem ik me wel voor: mocht ik ooit eens een stuk ossenhaas willen kopen bij Jumbo, dan kijk ik toch echt wel heel goed uit wat mij precies in de maag wordt gesplitst. De slagers van Jumbo hebben kennelijk niet het flauwste benul waar je bij een koe precies de haas vangt.

(uit Mijn Jumbo 07/2007, klik op afbeelding voor leesbare versie)

27 juni 2007

Muntsiroop!

Janneke Vreugdenhil neemt het (net als ik over het algemeen) mee uit de Franse hypermarché , maar het ligt morgen in ons eigen Nederland bij Lidl: muntsiroop van Plein Sud voor 1,49 per fles. Allen daarheen!

26 juni 2007

Ei

Een heerlijke tijd is het. Er zijn bijvoorbeeld verse doperwtjes, een product waarvan collega Onno Kleyn steevast met welluidende stem de lof zingt. En er zouden ook weer Opperdoezers moeten zijn, een aardappel waar ik elk jaar weer naar uitkijk. Er is nog veel meer. De zomer is heerlijk. Meestal kom ik rond deze tijd van het jaar met veel te veel naar huis.

Maar dit jaar tot nu toe nog niet. Ik heb het namelijk stervensdruk met van alles en nog wat en kom amper mijn thuiskantoor uit. En om al die lekkere dingen in huis te halen, moet ik een flink eind van huis. De modale supermarkt heeft ze niet. En in culinair rampgebied Almere ben ik nog altijd geen groentenspecialist op het spoor gekomen die mij met enige regelmaat gelukkig weet te maken. En dan is er nog het weer dat niet meewerkt. Ik kijk naar buiten en denk helemaal niet aan doperwtjes en aan Opperdoezers. Ik kan, kortom, mijn culinaire ei niet kwijt.

Eieren, ja, daar kan ik het nog wel eens over hebben. Een paar weken geleden alweer keek ik naar dat fantastische BBC-programma Great British Menu waarin Sat Bains de jury plat kreeg met zijn slow cooked egg. Zoiets wil ik dan meteen ook proberen. Nu weet ik van kookprofessor Herve This dat eierdooiers gaan garen vanaf 63 graden terwijl eiwitten 68 tot 71 graden nodig hebben. Maar dan komt natuurlijk de vraag hoe je die eieren op die constante temperatuur houdt. Ja, natuurlijk zijn daar prachtige installaties voor te koop, maar die zijn ook vooral groot want bedoeld voor restaurantkeukens en dat willen u en ik niet in huis hebben.

Het enige dat ik kan bedenken is een pannetje water op het vuur zetten met de sonde van de kookthermometer erin en net zo lang met de gasknop fijnafstemmen tot het thermometertje keurig op 71 graden blijft staan, minstens een kwartier lang. Daarna je eieren erin, en dan acht uur zo laten garen en vooral niet meer aan die gasknop zitten. Het lijkt me toch wel een vreselijke ervaring als je na al die moeite ontdekt dat je eieren keihard zijn--en dat zou natuurlijk nog best kunnen.

Een slow cooker zou een oplossing zijn, maar die ik gezien heb beginnen allemaal bij 80 graden. En de oventhermostaat is vast niet precies genoeg. Ik ben er nog niet uit. U toevallig wel?

25 juni 2007

Verboden toegang

Op dezelfde dag dat Dick Veerman zich op Foodlog met luchthartige vertwijfeling afvraagt hoe je de jongste generatie kennis laat maken met eten van goede kwaliteit ("misschien met een actie 'eindelijk lekkere boodschappen' of zo?"), lees ik ook nog even het artikel van Nicoletta Tavella op La Cucina del Sole gisteren waarin ze vertelt hoe ze dank zij haar pasjes voor diverse groothandels altijd aan goede Italiaanse producten kan komen en vind ik op een ouder bericht op Eetschrijven een commentaar van Hans Schouwenaar die mij de raad geeft zo'n pasje te bemachtigen teneinde verse morieljes en nog veel meer aan te kunnen schaffen.

Tja.

Zo'n pasje heb ik niet en daar heb ik een goede reden voor. Ik wil namelijk samen met u op zoek naar lekkere dingen en stukjes schrijven over eten dat binnen uw bereik ligt, niet over producten die alleen voor professionals verkrijgbaar zijn. Tegelijk vraag ik me af waarom eigenlijk die professionals moeiteloos toegang hebben tot producten die u en ik niet mogen kopen. Om het exclusief te houden? Het zou toch triest zijn als die exclusiviteit alleen van de verkrijgbare producten afhing.

Maar intussen is het een feit dat u en ik ons een slag in de rondte moeten zoeken naar producten van topkwaliteit. Daarmee wordt de lat voor echt ambitieus koken meteen weer een stuk hoger gelegd en blijft lekker eten weer wat meer een elitaire aangelegenheid. Terwijl je zou zeggen dat ook de horeca er belang bij heeft dat gewone stervelingen vertrouwd raken met ingrediënten van de beste kwaliteit en/of van een zekere exclusiviteit. Dat lijkt me alleen maar drempelverlagend te werken naar de restaurants toe die zich nu zorgen maken over hun toekomstige clientèle.

Tot dan toe zitten we in een vicieuze cirkel. De consument heeft niet gemakkelijk toegang tot mooie producten, leert ze dus niet kennen en vraagt er dus niet naar, en omdat er geen vraag naar is, komen ze niet beschikbaar.

Maar intussen worden wel overal pasjes voor de groothandel uitgeleend. Zo wordt het natuurlijk nooit wat in het Nederlandse winkellandschap.

Stemmingmakerij

Wie weet hebt u in het verleden wel eens bij Foodrank een stem uitgebracht op Eetschrijven. Zo ja, dank. Maar wat u misschien niet weet is dat uw stem maar één maand geldig blijft. Daarna telt uw waardering niet meer mee.

Ja, ik vind het ook een beetje vreemd (alsof u er na een maand automatisch niets meer aan vindt allemaal), maar het is zo: als u niet elke maand stemt, telt uw stem niet meer mee. Ach ja, internet is een vluchtig medium moet u maar denken.

Hoe dan ook ga ik voortaan elke 25e van de maand even deze stemknop in beeld brengen. Zo weet u dat uw mening weer van de kar is gevallen en is het een kwestie van één klikje. Ja, gewoon op de stemknop in dit bericht. Ik ben hier toch zo handig in geworden. :-)

Hoewel ik natuurlijk liever had dat die geweldige mensen van Foodrank (geen kwaad woord over ze!) uw stem gewoon lieten staan tot u hem overschrijft.

22 juni 2007

Frambozenweekend op herhaling

Carlo Peters en Henny van Bergeijk van Raspberry-Maxx in het Limburgse Meijel gaan op herhaling met hun succesvolle frambozenweekend. Dit jaar vieren ze op zaterdag 7 en zondag 8 juli dat er weer volop verse frambozen verkrijgbaar zijn.

Carlo en Henny zijn, zoals ze zelf zeggen, "een beetje frambozengek". Ze hebben dan ook van hun frambozenkwekerij van 4.3 hectare (die al een generatie geleden door Henny's ouders is gestart) een oord gemaakt waar het voor de bezoekende frambozenliefhebber goed toeven is. Liefhebbers kunnen er desgewenst zelf hun frambozen plukken en op een prettig aangelegd terras genieten van allerlei lekkers met frambozen. Dat kan bij Carlo en Henny het hele seizoen door. Tijdens het frambozenweekend stijgt hun gekte echter naar grote hoogte en doen ze er flinke scheppen bovenop.

Het weekend start op 7 juli om 10:30 uur met de presentatie van de nieuwe winkel, website en productverpakkingen. Verder op het programma staan gratis rondleidingen op beide dagen om 13:00 en 15:30 uur, de ijskar van IJsboerderij Willem 3 die diverse ijsjes uitserveert gemaakt van de plaatselijke frambozen, stands van bedrijven waarmee Raspberry-Maxx samenwerkt, de mogelijkheid om zelf tegen betaling een bakje frambozen te plukken (geen emmers of zakken vol, gewoon een bakje om de lol van het plukken zelf te ervaren), het zondagse frambozenontbijt om 10:00 uur (opgeven ten laatste op 24 juni a.s.!), het frambozenschilderen, de livemuziek en de frambozenkleurige pipokeet vol kinderspeelgoed. De toegang is gratis, met uitzondering van eten en plukken.

De culi's onder ons verheugen zich echter vooral op de frambozendessertwedstrijd. Hebt u een lekker recept voor een frambozentoetje, stuur het dan vóór 30 juni a.s. naar Raspberry-Maxx (het mag dit jaar ook per e-mail). Valt uw creatie in de smaak bij de jury bestaande uit Karin Luiten, Onno Kleyn, Ron Maertzdorf en Mariet Gommans, dan maakt u kans op een frambooskleurige Kitchenaid blender of een jaarabonnement op het blad Patisserie & Desserts van Saisonnier. Lees alles over weekend en wedstrijd.

21 juni 2007

De boer op: op!

Je zult het altijd zien.

Nog maar amper had ik mijn enthousiaste bespreking van het gidsje "Kopen bij de boer" online gezet of ik ontving het bericht dat alle exemplaren van de eerste druk al vergeven zijn. Een tweede druk komt er op korte termijn niet. Als u het gidsje nog niet besteld had, vist u achter het net. Tenzij...

Eetschrijven kan één (ja, slechts 1) exemplaar weggeven aan een lezer. Wie vóór donderdag 28 juni de beste reden mailt waarom dit boekje voor hem of haar en niemand anders bestemd is, ontvangt het per post toegestuurd.

Mail uw ontroerende, grappige, schaamteloze of anderszins originele smeekbeden naar eetschrijven AT gmail PUNT com. De hoofdredacteur beslist eigenmachtig naar zijn pet staat en correspondeert niet over de uitslag.

De boer op (2)

Al eerder had ik het over de leuke en informatieve site Vrienden van het Platteland, met zijn schat aan informatie over boerenwinkels en -markten. Inmiddels is die informatie ook beschikbaar in de vorm van een gidsje, dat eerder deze maand werd gepresenteerd en waarvan ik zojuist mijn eigen exemplaar uit de brievenbus mocht vissen.

Het gidsje is in een prettig formaat (klik op het plaatje voor een afbeelding op ware grootte) en is dus perfect om permanent in de auto te hebben. Dat ga ik er in elk geval mee doen, want door heel Nederland blijken er ca. 950 boerderijen te zijn die over een verkooppunt beschikken. Een bezoek aan de boer is dus bij de gemiddelde rit maar een kleine omweg. Ook weer goed voor het milieu dus. Dat is kopen bij de boer sowieso, al blijft voor mij het doorslaggevende element de doorgaans uitstekende kwaliteit van de producten: een openbaring voor wie er nog geen kennis mee heeft gemaakt.

"Kopen bij de boer" is een overzichtelijk gidsje, dat per boerderijwinkel alle nodige informatie geeft: producten, openingstijden en eventuele bijzonderheden, zoals de af en toe vermelde wens van te voren even te bellen. Jammer vind ik het alleen dat de diverse boerenmarkten er dan weer niet in zijn opgenomen, zodat je daarvoor toch nog naar de website moet. Een beetje een gemiste kans--misschien iets voor een tweede druk?

Verder echter niets dan lof voor dit initiatief, des te meer omdat de gidsjes gratis te bestellen zijn waren via bovenvermelde site. Zelfs voor de verzending wordt niets in rekening gebracht. Waar vind je dat nog in deze tijd?

Vrienden van het Platteland timmert trouwens dezer dagen flink aan de weg: parallel met het gidsje komt de organisatie ook met een nieuw weblog "Het verste komt van dichtbij". Hier kan worden gediscussieerd over de 'effecten van de consumptie van landbouwproducten'. Het klinkt wat zwaar op de hand, maar komt neer op "Waarom koopt ú bij de boer?". De eerste discussie "Wat eet u?" over seizoensgroente en -fruit is al in volle gang.

Overigens nog even een opvallend stukje trivia na het doorbladeren van "Kopen bij de boer": wist u dat de meeste boerderijwinkels van Nederland te vinden zijn in de provincie Gelderland? Liefst 180 blijken er daar gevestigd te zijn. Veruit de minste boerderijwinkels vindt u in de provincie Flevoland: slechts 30. De 'landbouwprovincie bij uitstek' afficheert zich nog maar weer eens als culinair niemandsland.

20 juni 2007

Oeps!

We leggen het even uit:


Kijk, die fantastische cacaoplantages bevinden zich in het noorden van Ecuador. Toen wij van Unilever dus de heerlijkste chocolade wilden voor onze Magnum Ecuador Dark, gingen wij die uiteraard zoeken in het hart van het land.

De eerlijkheid is zo mogelijk nog verfrissender dan het ijsje.

(plaatje aanklikken voor een leesbare versie)

19 juni 2007

Oud!

Het gaat niet goed met de melk in Nederland. Vroeger móest melk, nu mag het bij wijze van spreken nauwelijks meer. Verzadigde vetten, nietwaar--en die zijn eng geworden.

Campina heeft er wat op gevonden. Hier komt tegenwoordig "nóg gezondere" melk vandaan: melk met 20% méér onverzadigde vetzuren. Hoe die melk precies tot stand komt, kunt u lezen op de site van Campina: door de koeien meer buiten te laten grazen en ze "speciaal geselecteerde natuurlijke bijvoeding" te geven. Even doorlezen en we weten dat het hier gaat om lijnkoeken, ook wel veekoeken genoemd.

Het eigentijdse inzicht van Campina samengevat: door de koeien zo veel mogelijk te behandelen als we 50 jaar geleden deden, wordt de melk nóg gezonder. Misschien wel net zo gezond als in de tijd van Joris Driepinter, toen melk nog móest.

Tot slot nog even Campina's nieuwe boegbeeld Boer Schep, koeienkenner bij uitstek, aan het woord:

"Wat een koe niet kent, dat eet-ie ook niet".

Ie?

Doe mij nog maar 'n ijsje

Met de aanschaf van mijn nieuwe zelfvriezende ijsmachine is voor mij een ijstijd aangebroken: op dagen als deze een buitengewoon plezier. Ik ben voortdurend bezig nieuwe ijsjes te bedenken en elke inspiratie is goed. Blueberry pancakes, bijvoorbeeld, zoals we in Canada aten. Met maple syrup, uiteraard. Van dat laatste hadden we een ruime hoeveelheid meegenomen, maar in de Nederlandse natuurvoedingswinkel is ook heel goede te koop. Ze hebben daar vaak ook uitstekende blauwe bessen.

IJs van blauwe bessen en ahornsiroop

Nodig:

- 150 g blauwe bessen
- 125 ml melk
- 125 ml room
- 1 eierdooier
- 5 eetlepels ahornsiroop
- 2 à 3 eetlepels witte basterdsuiker

Pureer de blauwe bessen in de keukenmachine. Roer eventueel daarna de massa door een zeef (als u, net zoals ik, de schilletjes en pitjes geen probleem vindt, kunt u dit ook achterwege laten). Klop de eierdooier los met 2 eetlepels suiker. Breng de melk aan de kook, draai het vuur uit en laat er in een lint het eier-suikermengsel onder kloppen met een garde in lopen. Blijf kloppen tot de melk enigszins gaat binden en laat het mengsel afkoelen.

Voeg de room en de ahornsiroop bij de bessenpuree en laat de keukenmachine nog even draaien. Roer er daarna het melk-eiermengsel door. Proef of er nog suiker bij moet (dit is afhankelijk van de zoetheidsgraad van de ahornsiroop) en bedenk dat het mengsel op kamertemperatuur wat te zoet moet smaken om bevroren precies goed te zijn. Doe in de machine en laat vriezen.

G. vond dit het beste ijsje dat ik dit jaar gemaakt heb. Geen wonder dat er geen tijd was voor een foto.

18 juni 2007

Vlees en vis

Mijn leermeester Gianfranco Bucella draait zich in zijn graf om. Hij was als volbloed Milanees een enorme purist als op het op lokale specialiteiten aankwam en vertikte het bijvoorbeeld ossobuco met tomaat te maken. Ook de vitello tonnato was heilig: die ging altijd met room. Uiteindelijk heb ik besloten dat ik de "bastaardversie" uit Piemonte met mayonaise toch lekkerder vind. Dat heb ik overigens gemeen met de meeste Italianen.

Voor vitello tonnato, voor zo ver ik weet het enige één van de weinige klassieke gerechten met zowel vlees als vis (dank Chris), gebruik je traditioneel een mooi stuk vlees van de bil van het kalf dat in het Italiaans magatello heet. Later, toen ik in Toscane het gerecht eens wilde maken, kon men mij niet aan magatello helpen. Maar, zo kreeg ik te horen, als ik een lekkere vitello tonnato wilde maken, moest ik natuurlijk girello gebruiken. Pas veel later ontdekte ik dat dit twee namen voor precies hetzelfde stuk vlees waren. In het Nederlands noemen we het een kalfsmuis.

Veel mensen braden het vlees voor de vitello tonnato, maar eigenlijk is dat zonde. Het vlees wordt heel zacht gestoofd in een geurige bouillon die gearomatiseerd is met wijn, ui, knoflook, selderij, wortel, laurier, kruidnagels en peperkorrels. Vlees en bouillon verrijken elkaars smaak. De tonijn komt natuurlijk niet uit blik. Het is inmiddels een beetje foute vis, maar als u verse gebruikt eet u niet alleen beter, maar kunt u ook nog specificeren dat u geelvintonijn wilt, die in elk geval nog niet zo bedreigd is als blauwvin.

Dit alles--u had het begrepen--als opmaat voor een recept, wat alweer iets te lang geleden is.

Vitello tonnato

Nodig voor 6 personen:

- 1 kalfsmuis van 1,5 kg
- 1/2 liter witte wijn
- 1/2 liter kalfsbouillon van goede kwaliteit, liefst zelf getrokken
- 4 tenen knoflook
- 1 grote ui
- 1 winterwortel
- 1 stengel bleekselderij
- 3 laurierbladeren
- 4 kruidnagels
- 12 zwarte peperkorrels

En voor de saus:

- 200 g verse tonijn
- eetlepel olijfolie
- 2 eierdooiers
- 1/4 liter arachide-olie
- 2 eetlepels citroensap
- zout, peper

Voor de garnering:

- citroen
- kappertjes (liefst in zout)
- bladpeterselie

Hak de selderij en de wortel grof, snijd de ui in vieren en kneus de knoflook en doe ze in een grote braad- of stoofpan. Voeg de bouillon en de wijn toe en ook de laurier, de kruidnagels en de peperkorrels. Leg het vlees erin en voeg eventueel water toe tot het voor tweederde onder staat. Breng het geheel aan de kook, doe het deksel op de pan en draai het vuur heel klein. Laat de kalfsmuis ca. 1,5 uur stoven tot het vlees zacht is. Laat het in de pan met bouillon een uurtje afkoelen, neem het vlees uit de pan en zeef de bouillon. Kook hem daarna in tot u een kwart liter over hebt en laat ook dit afkoelen.

Bak de tonijn op hoog vuur een minuut aan elke kant in de olijfolie. Snijd hem in stukken en laat afkoelen. Doe de stukken vis in de keukenmachine met de eierdooiers en het citroensap en laat draaien tot u een gelijkmatig mengsel hebt. Giet hier nu met draaiende motor in een dun straaltje de arachide-olie bij en vervolgens zoveel van de bouillon tot de saus de dikte van mayonaise heeft. Breng eventueel op smaak met zout en peper.

Spoel de kappertjes af in een zeef onder de koude kraan en laat ze uitlekken. Snijd de koude kalfsmuis in plakken en bedek daar kleine bordjes geheel mee. Schep er de saus over en garneer met de kappertjes, schijfjes citroen en takjes peterselie.

15 juni 2007

Genieten

Bezoekster Linda wijst me per mail op het voorwoord van "Koken & Genieten" van juni 2007. Ik vroeg me al af waarom ik ineens zoveel googelaars kreeg op "Eetschrijven" en/of "Gerrit Jan Groothedde". 't Is te veel eer, maar wel erg leuk. Zelfs al klopt de url niet helemaal...

Elsanta's als Lambada's verkocht?

Veiling Hoogstraten had maar enkele minuten nodig voor het démasqué: deze veiling verkoopt na mei zeer beslist géén Lambada meer.

"Lambada is de variëteit waarmee Veiling Hoogstraten al enkele jaren het aardbeienseizoen mee start, ook dit jaar. Van begin maart tot half april boden wij deze aardbeien aan in doosjes van Veiling Hoogstraten met daarin 8 punnets à 200 gram. Vanaf mei zou u echter geen Lambada meer mogen tegenkomen in dozen van Veiling Hoogstraten. Mocht dit toch het geval zijn, dan wijst dit op misbruik van verpakkingen ofwel andere variëteiten die als Lambada worden aangeboden".

Dat is dus duidelijk: laat u geen Elsanta's voor Lambada's verkopen!

Haring: o ja, lékker hoor

Het hoort een beetje bij de rituelen rond de Hollandse Nieuwe: hij is altijd, o ja, lékker hoor! Als hij tenminste niet heerlijk, overheerlijk of verrukkelijk is. Ook in de meer serieuze publicaties zie je nauwelijks anders; de echte meningen over de haring van het jaar zijn op de vingers van één hand te tellen.

Ik at mijn eerste van het seizoen alweer acht dagen geleden, op 7 juni om precies te zijn, één dag nadat ze aan land waren gebracht. Ik vind haring erg lekker, dus ik kocht er meteen maar vijf helemaal voor mij alleen (mijn geliefde G. gruwt van deze lekkernij). Eerlijk zijn? Ook dit jaar ben ik er niet kapot van. De visjes zijn maar magertjes; de volvette en uitgesproken zilte exemplaren die ik me met name van 2003 herinner blijken dit jaar net zo afwezig als in het bijna-rampjaar 2006. O nee, niet onsmakelijk hoor--maar ik heb ze dus wel beter geproefd.

Mijn visman had, ter viering van de blijde dagen, voor elke haringkoper die ter plaatse zijn lekkernij nuttigde, glaasjes corenwyn staan. Dat stond mij wel aan en bovendien kon ik dan eerder proeven. Ik liet vier visjes inpakken en at één van het kwintet stante pede op. De corenwyn was op kamertemperatuur, maar de bedoeling was goed en ik heb best gevoel voor traditie.

Maar is corenwyn nu de beste metgezel voor Hollandse Nieuwe? Ik besloot thuis eens een vergelijkend testje te doen: visjes genoeg. Ik schonk drie kleine glaasjes in: één met corenwyn uit de vriezer, één met eveneens ijskoude Moskovskaya vodka en één met een koele manzanilla.

Nou, dat gaf duidelijkheid. De corenwyn is afgetekend de verliezer van het drietal. Het was close tussen de Moskovskaya en de manzanilla, maar de eerste is wat mij betreft toch de winnaar. Binnenkort mag deze het opnemen tegen de uitdager akvavit: dat had ik voor deze test niet in huis.

Lambada in trek

Ter (voorlopige) afsluiting van mijn aardbeientrilogie had ik nog even contact met Jan Robben (foto, let op de toepasselijke das) naar aanleiding van wat recente commentaren op mijn stukje "Aardbeiendip". Toen ik twee weken geleden met een aantal collega's bij hem op bezoek was, waren er nog Lambada's in overvloed. Dat is nu wel anders:

"Vooral door jullie aardbeienoffensief zijn onze smaakaardbeien niet meer aan te slepen. Op de dag dat het artikel in De Telegraaf stond kwamen drie keer zoveel bezoekers naar ons bedrijf als normaal. Ook de dagen erna was het extreem druk. Er kwamen zelfs mensen uit Groningen met De Telegraaf in de hand bij ons aardbeien kopen. Het aardbeienoffensief werpt vast en zeker zijn vruchten af. Waarvoor dank aan jullie, culischrijvers".

Behalve dat Lambada weinig kilo’s produceert meldt Jan nog een probleem met dit 'juffrouwtje onder de aardbeien'. Het ras, vertelt hij, is zeer gevoelig voor meeldauw, een schimmel die normaal gesproken het blad aantast van de plant. Bij Lambada wordt zelfs de vrucht wit van het schimmelpluis en is dan niet meer te verkopen en ook niet lekker meer.

De stijgende populariteit van de Lambada heeft wel een keerzijde. Jan Robben heeft met opgetrokken wenkbrauwen meegelezen met de commentaren op bovengenoemd stukje: "Er zullen nu nog best een paar Lambada’s te vinden zijn, maar dat is toch echt mondjesmaat op dit moment. Tot vorige week kwamen er nog wel wat uit de kassen, maar van de koude grond, zoals bij ons, is het vrijwel nihil. Groenteboeren die nu Lambada’s verkopen voor 5 euro per 2 pond? Het zou kunnen maar eerlijk gezegd denk ik dat ze liegen dat ze barsten. Ik lever in elk geval geen aardbeien en dus ook geen Lambada’s aan Veiling Hoogstraten. De enige veiling/verkooporganisatie waar ik aan lever is The Greenery". Zelf ben ik nog even gaan kijken op de site van Veiling Hoogstraten, waar over de Lambada maar in de marge een klein woordje te vinden is. Voor deze veiling telt alleen of de aardbeien groot dan wel klein en verder "goed gevormd en gepresenteerd, mooi rood en vrij van zand en ziekten" zijn. Ik heb Veiling Hoogstraten per mail de vraag gesteld en zal hun antwoord hier publiceren.

Ik zou nu wel kunnen zeggen "hoedt u voor namaak", maar het blijft de vraag hoe je namaak herkent. Ja, de Lambada is heel lekker, zoet en geurig, maar toch wist bij een blinde proeverij uit acht verschillende rassen door een kleine drie dozijn collega's slechts een minderheid de Lambada correct aan te wijzen (tot mijn opluchting hoorde ik bij die minderheid). Ik vrees toch dat het wachten is op veilingen die de Lambada afzonderlijk gaan aanbieden, zoals al met divers ander fruit gebeurt. De roep daarom zal overigens bij de detailhandel vandaan moeten komen. Blijf dus om Lambada's vragen en laat u vooral niet op de mouw spelden dat die in deze tijd van het jaar niet meer groeien. Ze groeien uitstekend. Het zijn de meeste telers die in dit jaargetijde liever Elsanta's plukken.

14 juni 2007

Alle gekheid op een stokje

Nog even en de komkommers kunnen voorgoed uit de schappen bij AH: de nieuwe leveranciers van vitamine C vallen immers bij junior veel beter in de smaak. Foodlog had het er ook al over.

De flauwe lolligheid waarmee AH de kopregel van zijn advertentie in AllerHande woordspeelt, krijgt overigens nog wel een onbedoelde extra betekenis. Hoewel ik nog niet naar het suikergehalte van dit nieuwe "gezonde" product heb gekeken, lijkt me de kans inderdaad groot dat wie zich fors aan deze vitamine C te goed doet, op termijn als een peer door het leven gaat. Maar of je daar nou blij mee moet zijn...

13 juni 2007

Aardbeiendip

Ik bedoel het allemaal goed, geloof me. Toen ik vorig jaar op deze plek klaagde dat er, na het succesvolle peterselie-offensief, ook hoognodig eens een fruitoffensief moest komen, was ik ervan overtuigd dat ik de wereld echt iets beter of in elk geval lekkerder kon helpen maken. En lekkerder eten met betere producten, dat willen we toch allemaal?

Het is alweer bijna twee weken geleden dat ik samen met een aantal eetschrijvers (zoals de verzamelnaam voor ons gilde hier en daar al blijkt te luiden) op bezoek was bij aardbeienteler Jan Robben in Oirschot (een kilo meegenomen Lambada's en even zoveel Korona's waren twee dagen later alweer op). Jan Robben is een bijzonder man die nog het meest van een missionaris heeft. Hij wil graag laten zien dat er op betere manieren betere aardbeien op uw en mijn tafel kunnen komen. Daarom blijft hij naast de rendabele (hoewel dat ook niet over schijnt te houden) Elsanta's ook andere rassen kweken, waaronder de genoemde Lambada en Korona. Echt verrukkelijke aardbeien, zoals ik blijf roepen. Je moet ze echter, zodra het aardbeienseizoen in volle gang is, met een kaarsje zoeken. Lezeres Jetty vond de Lambada in Amsterdam bij Lex Ebbe en kwam met een leuk receptje, dat ik plaatste.

Dat maakte weer het één en ander los. Ook Jan Robben reageerde met een mailtje waarin hij mij vertelt dat hij op die Lambada's momenteel dik verlies maakt, maar dat hij ze desondanks op een paar plekken blijft uitzetten in de hoop dat de smaak wordt opgepikt en dat wij Nederlanders eindelijk aardbeien (kunnen) gaan kopen zoals we appels kopen: op ras. Daar is dan wel voor nodig dat de tussenhandel het potentieel ziet van een aardbei waar ik persoonlijk—laat ik dat hier nu maar eens luid en duidelijk zeggen—met plezier het dubbele voor zou neertellen van wat ik voor de modale supermarktaardbei betaal. Tussen waterbommen en smaakbommen vind ik namelijk de keus niet moeilijk. Maar dan moeten handel en veiling u en mij als consument wel voor vol aanzien. En dat doen zij alleen wanneer u en ik een vuist maken.

Wilt u weten waarom? Koop een doos Lambada. Dat kan in Oirschot bij Jan Robben zelf en in elk geval in Amsterdam bij Lex Ebbe (ik hou me aanbevolen voor andere adressen). Koop daarnaast een doos Elsanta uit de supermarkt. Proef ze naast elkaar. En breng daarna liefst de doos Elsanta met bon naar de servicebalie en vraag uw geld terug. Ja, zo simpel denk ik soms.

Er waren nog meer reacties op Jetty's recept. Zo meldde lezer Lou bijvoorbeeld dat hij erg dol was op sperziebonen van het ras Farba. Zijn die dan zo lekker? Ik moet u eerlijk bekennen dat ik het niet zou weten: ik weet niet hoe ik een Farba van een andere boon moet onderscheiden en mijn groentenspecialist—als die het al weet—vertelt het me niet. Hoe wil je in zo'n wereld dat mensen zelf bepalen wat lekker is? Niet dus. En dat is het probleem: de voedselindustrie is een moloch geworden die er belang bij heeft dat wij zo ver mogelijk af komen te staan van ons voedsel: zo kan ze ons door de strot duwen waar zij het meest aan verdient.

Dat lukt deprimerend goed. Een weekje of zo geleden las ik een bericht waarin stond dat van de Engelse negen- à tienjarigen de meerderheid een sperzieboon niet weet te herkennen—niet als sperzieboon en zelfs niet als voedsel. Ze hadden ze eenvoudig nog nooit gezien! Bonen uit blik daarentegen kenden ze maar al te goed.

Natuurlijk is dat extreem. Maar wat weten wij eigenlijk? Vraag honderd voorbijgangers eens wanneer bij benadering snijboon of tuinboon van de koude grond komen? Ik zag bij een enkel eetblog dezer dagen recepten voor raclette en kaasfondue voorbij komen, zaken die Zwitsers alleen in de winter eten—maar ze liggen het hele jaar door in pakjesvorm in de supermarkt, ook als het buiten 30 graden is. We raken het contact met ons voedsel kwijt, en de pakjesindustrie vindt het prima.

Nog even over die aardbeien. Jan Robben (wiens hand hierboven op de foto staat met daarin wat volgens hem 'de perfecte Lambada' is) meldde mij ook nog dat hij van de veilingmeesters laatst het commentaar had gekregen dat zijn aardbeien "te rood" waren. Ze zeiden nog nét niet "te lekker". Ja, het is soms een trieste wereld...

Goed, een positieve noot tot besluit. Wist u dat aardbeien ontzettend lekker zijn als u ze even in gesmolten donkere chocolade dipt? En dan zit chocolade nog vol neurotransmitters ook. Een dip tegen een dip, zeg maar.

Het aperitief

Gisteren was ik in de gloednieuwe schouwburg van Almere om daar "Laad Los" van Dogtroep te gaan zien. Een hallucinerende productie overigens--houdt u van theater: ga kijken!

Voorafgaand aan de voorstelling aten G. en ik in het restaurant van de schouwburg. Dat was overigens eerder gezellig--we aten aan tafels van acht en met wat geluk komen er dan leuke gesprekken op gang--dan bijzonder lekker. Het eten verdient een zesminnetje.

Wel wil ik u een hilarisch moment vóór de maaltijd niet onthouden. Ik vroeg de serveerster of het restaurant ook een malt whisky in de aanbieding had. Haar wedervraag aan mij...

(scrollen)



"Is dat een alcoholvrije whisky?"

Later tijdens de voorstelling viel er overigens nog véél meer te lachen.

12 juni 2007

Fatima's koekjes

Twee uur later waren ze op. Ja, zie daar maar eens af te blijven!

Fatima is een collega van G. die fantastische koekjes kan bakken. Ook haar couscous is trouwens heerlijk. Hoe ze die maakt, heb ik al gezien. Ik moet toch tijdens het bakken van deze juweeltjes ook eens in haar keuken zien te komen.

11 juni 2007

Rookontwikkeling(en)

Heb ik nu een slecht moment gekozen om fanatiek te gaan roken? De kogel is immers door de kerk en met ingang van 1 juli 2008 is de hele horeca verplicht rookvrij, met uitzondering van coffeeshops. Over deze rookontwikkeling is ongetwijfeld het laatste woord nog niet gesproken, maar ik begrijp alvast weinig van de klachten van restaurateurs over gevreesd omzetverlies. Dit lijkt me nu typisch een mes dat aan twee kanten snijdt--en mogelijk aan die andere kant nog wel beter?

Wat betreft die rookontwikkeling in huiselijke kring, nee, natuurlijk niet op die manier. Dat weet u van mij wel beter (hoewel in die tijd Eetschrijven blij was met één bezoeker per drie dagen--het was pas mijn derde stukje hier). Ik heb het natuurlijk over mijn rookoventje.

Hebt u zo'n ding nog niet in huis, aarzel dan vooral niet. Voor een euro of zestig zijn ze te koop; bij de door Meneer Wateetons regelmatig bezochte Lidl staan ze zelfs dezer dagen voor 38 euro, zag ik in een reclamekrantje. Een verdere investering gaat naar een zak houtmot van 5 euro en nog een paar smaken wat chiquere houtsnippers (in die potjes van Cameron) à 8 euro per stuk. Klaar!

Tenzij u er ook een boekje bij aanschaft, is het verder heel wat experimenteren. Zelf begon ik, ondanks de goede raad van de winkeldeskundige, met mijn eerste rooksels te lang en ook te heet te roken. Resultaat: een laagje donkerbruine stroop op het voedsel dat je vervolgens dan ook alleen nog maar opeet om de leergeldbeker geheel leeg te drinken. Al snel krijg je er meer handigheid in.

Er is maar heel weinig dat je in een huisrookoventje ook gaar kunt roken. Met vis lukt dat meestal nog wel, maar vlees en groenten (yum! in ahornsnippers gerookte paprika!) moeten nadien nog even de pan of de oven in. Geen probleem: bij het verder garen verdiept de smaak zich nog.

Op advies van bovengenoemde Meneer Wateetons, zelf een tevreden roker naar ik begreep, begon ik met ham. Dat wil zeggen, ik kocht bij de scharrelslager een stuk hamlap van zo'n 750 gram. Dat ging gedurende een kwartier in de rookoven met twee eetlepels houtmot en twee eetlepels eikensnippers. Vervolgens mocht de ham de oven in; gedurende vijf kwartier op 125 graden. Dat was verbijsterend lekker; volgende keer ga ik experimenteren met een nog lagere temperatuur en langere gaartijd en bovendien heb ik al plannen om de ham dan na het roken te bestrijken met een mengsel van whisky en ahornsiroop. Ik laat het u weten als ik zo ver ben.

Al na drie weken was ik zo ver dat ik nog heftiger begon te experimenteren: afgelopen zaterdag rookte ik struisvogelfilet gedurende 3 minuten in een mengsel van 1 eetlepel houtmot en een halve eetlepel Earl Grey thee. Ik geef toe dat ik eigenlijk eendenborst had willen gebruiken, maar die blijkt op een modale zaterdag in Ede (waar mijn kookvriendin Lily woont) nog niet zo makkelijk te krijgen. Met die struis mochten we onze handen dichtknijpen. Ook bosbessen voor een erbij te serveren compote bleken in de plaatselijke AH trouwens niet verkrijgbaar. Dat was maar gelukkig, want zo kwamen we erachter hoe heerlijk gekookte biet is als je hem met de mandoline flinterdun snijdt en frituurt. Probeer maar eens! Maar ik dwaal af.

De struisvogel had een fantastische smaak en ik kan echt niet wachten om dit met eend te proberen. Ik ga dan meteen ook een andere thee gebruiken, een Darjeeling vermoedelijk--niet omdat de Earl Grey niet lekker was, maar gewoon om lekker nóg maar weer wat anders te doen.

In de tussenliggende tijd rookte ik verder zalm, ribeye, tomaten, verse knoflook en diverse soorten verse worst. Binnenkort, behalve eend, aardappelen. En natuurlijk een poging om zelf chipotle te maken--zodra ik ergens mooie jalapeños zie liggen.

Wat ik maar wil zeggen: voor wie het roken niet laten kan is dit een fantastisch alternatief voor ná 1 juli 2008. Voor wie het wél laten kan trouwens nog meer--die proeft namelijk ook nog hoe lekker.

08 juni 2007

Marokkaans zonder jatwerk

Ik realiseer me ineens dat ik al een hele tijd geen recept meer heb geplaatst. Daar breng ik onderstaand verandering in. Maar eerst even de kapstok waar ik dit aan op wil hangen, om te voorkomen dat mij de gal overloopt.

Sommige mensen hebben het makkelijker dan anderen. Zo heb ik gewone mensen als buren en vrienden. Anderen blijken zowaar naast het internet zelf te wonen of ermee bevriend te zijn. Ja, dan krijg je natuurlijk geweldige recepten. Het nadeel is dan weer dat iedereen met een zoekmachine die recepten ook kan vinden. Ik bedoel maar: voor foodbloggers zoals ene Robert (geen link want dat gun ik hem niet--u weet wie ik bedoel of anders wilt u het, geloof me, niet weten) die het merendeel van hun recepten tot op de komma jatten van anderen die ze op internet hebben geplaatst, heb ik niet de minste waardering. Volgens Robert is dit overigens allemaal jaloezie omdat zijn recepten zo makkelijk zijn en zo snel klaar, terwijl je voor die van andere foodbloggers "een halve dag in de keuken staat" om het eten dan "in 15 minuten naar binnen te slokken". Ik citeer het maar even, want het tekent de denkwereld van de man. Dit duidelijke statement van mij dus maar eens om te vertellen dat ik een werkwijze zoals die van Robert ten stelligste afkeur. Zo, dat lucht op. Robert mag hier trouwens reageren, wat over zijn eigen site niet gezegd kan worden: daar kom je met kritiek de censuur niet door. Gelukkig zijn de meeste foodbloggers niet zo.

Bovendien is het nergens voor nodig. Natuurlijk zijn recepten zelden 100% origineel. Maar je kunt er altijd iets van jezelf in leggen. Zo had ik ooit eens een Marokkaanse werkster, Yasmina (gewoon menselijk en niet digitaal), die op zeker moment aanbood iets voor ons te koken. Ik vond dat een geweldig idee, op voorwaarde dat ik mocht helpen met klaarmaken. Dat vond Yasmina maar eigenaardig: ik had toch een vrouw? Gelukkig wist zij het geheel moeiteloos in haar rollenpatroon in te passen: zij besloot tot een typisch mannengerecht, dat traditioneel door Marokkaanse vrijgezellen wordt gemaakt als zij onderling een gezellige avond hebben en dat dus werkelijk het allereenvoudigste is dat je maar kunt maken (later, toen ze er iets meer van begrepen had, maakte ze ook nog pastilla samen met me, maar dat recept komt een andere keer).

Het betreffende gerecht heet tanjia marrakchia, omdat het afkomstig is uit Marrakech en van origine bereid wordt in een aardewerken pot, de tanjia, die nog ouder is dan de tajine. Hij werd afgedicht met een vel bakpapier waar een paar gaten in worden geprikt en het koken gebeurde in de as van de oven van het gemeenschappelijke badhuis, waar het gerecht dus heen werd gebracht en na ettelijke uren weer afgehaald. Ook leuk is dat er smen in gaat, waarover Robert (ik zal hem hierna niet meer noemen) leuterde dat het ranzige boter was die hij door gewone boter verving. Ja, dat soort onzin krijg je wanneer je dingen zonder enige kennis van zaken--"makkelijk en snel"--gaat zitten overschrijven zonder je ook maar ergens in te verdiepen. Smen is in feite geklaarde boter die vermengd wordt met zout en vaak ook wat griesmeel en dan in een aardewerken pot in de kelder wordt gezet. De boter maakt een rijpingsproces door waardoor de smaak zich verdiept en wat nootachtig wordt. Omdat wij westerlingen dat soort smaken over het algemeen niet meer gewend zijn, noemen wij dit al gauw ranzig. Gelukkig is smen gewoon in de betere Marokkaanse winkel te koop. Probeer het eens, proef hoe lekker en begrijp waarom dit absoluut niet door gewone boter ter vervangen is.

Ook moet er ingemaakte citroen in het gerecht. Yasmina had dit van huis meegenomen en het is bij sommige Marokkaanse winkels ook te krijgen. Mocht dat niet lukken, dan kunt u het effect benaderen door verse citroenen doormidden te snijden, elke helft in zes partjes te verdelen en ze in wat olie met boter op hoog vuur in 2 à 3 minuten aan beide kanten aan te bakken. Ze karamelliseren en worden zacht.

Tot slot gaat er ras el hanout in het gerecht. Dat haalt u uiteraard ook bij de Marokkaan.

Natuurlijk maakt u het gerecht, net als Yasmina en ik, gewoon in een gietijzeren braadpan in de oven. De voorbereiding is minutenwerk, want van makkelijk en snel heeft de echte foodblogger heus wel kaas gegeten. Snijden, in de pan mikken en roeren. Hieronder het recept.

Marokkaans zonder jatwerk: het recept

Yasmina's Tanija Marrakchia

Nodig voor 6 personen:

- 1 kg lamsvlees
- 100 g smen (Marokkaanse winkel)
- 1 geconfijte citroen (Marokkaanse winkel), in vieren of een gekaramelliseerde citroen in twaalven
- 2 eetlepels komijn
- 1 eetlepel ras el hanout (Marokkaanse winkel)
- 2 uien, grof gesnipperd
- 1 bol knoflook, hele teentjes, gepeld
- 1 grote bos bladpeterselie (ook in de Marokkaanse winkel), gehakt
- 1 flinke theelepel saffraan in draadjes

Verwarm de oven voor op 150 graden. Snijd het vlees in stukken van ca. 5 cm (of laat de slager dit doen). Doe alle ingrediënten in de pan, giet er 3 dl water bij, roer even door en plaats de pan gedurende 4 uur in de oven. Controleer af en toe of het gerecht niet droogkookt en voeg eventueel water toe.

07 juni 2007

Rijk

"Rijk aan goede vetten", hoor ik net in de TV-spot voor Calvé Halfvol. Ben ik nou gek of zitten er in de gewone mayo dan dubbel zoveel goede vetten? Zo ja, waarom is de helft daar dan uitgehaald?

Er zit wél 5,6% 5,7% suiker in die halfvolle. In de volle mayonaise zit "maar" 2,6% suiker. Op suikergebied is de halfvolle dus een dubbelvolle, met nog een flinke schep toe, en nog eens minstens zoveel suikerstroop. Ook bijna twee keer zoveel zout trouwens. En vooral veel water: vast gezond, maar dat komt stukken goedkoper uit de kraan. Het enige wat eruit is gehaald, behalve dure eierdooier, zijn die "goede vetten". Je wordt toch echt belatafeld waar je bij staat! En zo'n pot suikerwater met verdikkingsmiddel mag dan van het Voedingscentrum het label "Ik kies bewust" voeren. Bewust, me neus!

Wat zou Paul Rosenmöller daar nou van vinden?

06 juni 2007

Jetty's langslooplambada's

Jetty (degenen die regelmatig de commentaren lezen, kennen haar wel) bewijst met het volgende recept dat er niets heerlijkers is dan eenvoud:

- Koop een bak mooie Lambada's.
- Was ze (laat het kroontje zitten) en doe ze in een doorzichtige glazen schaal.
- Plaats ze ergens waar je wel vaak langsloopt, maar niet zit.
- Pik af en toe een aardbeitje in het langslopen, gegarandeerd een dag lang plezier.
(Pas op voor weglooplambada's. Als je er één ziet, pak die dan snel bij zijn kroontje.)

05 juni 2007

Paul Rosenmöller antwoordt

Of ik ook verwachtte hier een antwoord van Paul Rosenmöller te kunnen plaatsen, was de vraag. Nou, dat hoopte ik in elk geval wel. Het was een open brief: ik had hem ook aan Rosenmöller gestuurd. En verdomd, de voorzitter van de Stuurgroep Convenant Overgewicht had even tijd voor u en mij. In de mailbox van Eetschrijven zit dit mailtje:

Overgewicht is een zeer complex probleem en kent vele verschillende oorzaken. Een kant en klare oplossing ontbreekt. Het is daarom zaak overgewicht met alle partijen uit de samenleving gezamenlijk aan te pakken. De overheid speelt hierbij een belangrijke rol. Op dit moment dreigt het onderwerp overgewicht niet de plek op de beleidsagenda te krijgen die het verdient. Het streven vanaf 2010 het aantal volwassenen met overgewicht niet verder toe te laten nemen en het aantal kinderen met overgewicht te zien dalen kan alleen behaald worden wanneer, naast de acties uit onder andere de voedingsmiddelenindustrie, ook de overheid actie zal ondernemen. Een betere samenwerking tussen de verschillende ministeries is daarbij essentieel.
Ik hoop dat ik hiermee mijn oproep aan de overheid in de Volkskrant heb kunnen verduidelijken.

Met vriendelijke groet, Paul Rosenmöller, Voorzitter Stuurgroep Convenant Overgewicht

Goed, Rosenmöller geeft een reactie, en dat doet niet iedereen. Maar hij geeft geen antwoord. Mijn vraag was en is waarom hij het bedrijfsleven aan de overheid tot voorbeeld heeft gesteld en deze gemeenplaatsen maken mij niets wijzer. Dat overgewicht een zeer complex probleem is met vele verschillende oorzaken was u en mij al duidelijk. Dat alle partijen uit de samenleving er de schouders onder moeten zetten: de logica zelf. Dat ministeries beter moeten samenwerken: een loffelijk streven dat vast--pun not intended--gewicht in de schaal zal leggen.

Maar verduidelijkt is er niets, behalve dat ik eens te meer het nare idee krijg dat ook deze thematiek weer is gekaapt door de partijen die de beste lobbygroepen op de overheid en haar stuurgroep los wisten te laten. En zo blijven de Unilevers en de Albert Heijns de koers bepalen en blijft "gezond" datgene waaraan voedingsgiganten het meest verdienen--en dat zijn géén komkommers.

Willen we dat? En belangrijker: wil Paul Rosenmöller dat?

Dat ga ik hem dus nog maar even vragen. Ik heb zijn mailadres.

Tajine Souiri

Me buurvrouw schrijft precies zoals culimam en die blijkt zijn/haar recepten dan weer tot op de punten en komma's identiek net zo te schrijven als de vertaler van Alain Jaouhari, auteur van "De traditionele Marokkaanse keuken". Ja, er is toch veel toeval in de wereld--en dat dan nog meermaals per week.

En nee hoor, ik bedoel hier niemand in het bijzonder mee. Allemaal toeval. Daar hangt het internet van aan elkaar, moet u maar denken. Dan krijg je dat vanzelf als je eten overschrijft--pardon, over eten schrijft bedoel ik natuurlijk.

Couscous is trouwens ook heel lekker.

Bedrieglijke stilte

Blogger, je moet ervan houden. Zo ontdek ik nu weer dat de functie die ervoor moet zorgen dat ik per mail een melding krijg van elke reactie op Eetschrijven zichzelf op de één of andere manier heeft uitgezet. Het staat nu weer aan en ik ga proberen alle nodige antwoorden alsnog te geven. Sorry!

04 juni 2007

Historische lekkerbekken

Toen ik in 1975 in het verre Brussel op kamers ging wonen, meende mijn oma dat ik dan wel een kookboekje zou kunnen gebruiken. Zij gaf mij het afgebeelde werkje mee. Ik bedankte haar uitvoerig, borg het boekje ergens ver uit het zicht op en dacht er nooit meer aan. Ik voelde niet de minste verwantschap met dit werkje en zijn auteur Lilo Aureden, die volgens de flaptekst schreef "over allerlei onderwerpen die voor de moderne vrouw van belang zijn".

Vorige week was ik in wat dozen oude spullen aan het rommelen en vond ik het boekje ineens terug. Voor het eerst heb ik het opengeslagen. Het dateert uit 1959, zie ik nu, en was in 1975 dus nog niet eens zó oud--ware het niet dat tussen 1959 en 1975 ook het jaar 1968 had gezeten. Het zag er dus alleen maar prehistorisch uit. Even googelen leert mij echter dat het boekje in elk geval drie jaar vóór ik het van oma kreeg nog is heruitgegeven, weliswaar met een aanzienlijk eigentijdsere lekkerbek op het omslag.

En zo beschik ik nu dus over een zelf geconserveerde antiquiteit, waar ik 32 jaar na dato voor het eerst eens in gebladerd heb. En ja hoor, de vreugde is groot:

"Sinaasappeltijd
Het zal wel niet nodig zijn hier de loftrompet over de sinaasappel te steken. Oud en jong is er immers van overtuigd dat het een der heerlijkste en heilzaamste vruchten is die wij hier kunnen krijgen. Maar omdat de sinaasappel geen inheems fruit is, is de prijs ook niet bepaald laag te noemen. Het is daarom zaak de sinaasappel zo intensief te gebruiken dat er niets van verloren gaat. Het is nog niet tot alle huisvrouwen doorgedrongen dat ook de schil van de sinaasappel te gebruiken is, niet alleen voor gebak, maar ook voor sausen, gebraad, gevolgelte en vis dat er een heel apart aroma en smaak door krijgt. Als u het eens probeert, zult u het vast méér doen. En wist u dat vooral mannen gesteld zijn op gekonfijte sinaasappelschil op oranjemarmelade? Ook deze receptjes heb ik hier voor u - en indirect voor uw heer en meester - opgeschreven".

Geen twijfel mogelijk: 1959. Zou dat er in 1972 nog nét zo in hebben gestaan? Natuurlijk moesten asperges nog 40 minuten koken en had groene kool een uur nodig. Lamsvlees was "goed en goedkoop"(!). En in het lijstje tuinkruiden is basilicum nergens te bekennen. Wel pimpernel en boragie. Van die laatste had ik eerlijk gezegd zelfs nog nooit gehoord. Wikipedia gelukkig ook niet.